NPC Leven - The Elder Scrolls IV: Oblivion 

NPC Leven - The Elder Scrolls IV: Oblivion 2018-07-19T00:38:25
De willekeurige figuren die je gamewereld bevolken, wat bezielt ze en wat spoken ze de hele dag uit? Dat zoekt Sven uit in deze serial over het leven van NPC’s. Dit keer gaan we 12 jaar terug in de tijd om te zien wat de inwoners van Cyrodill eigenlijk uitspoken.

Welkom terug bij alweer het vierde deel van NPC Leven! Na de onschuldige burgers in The Witcher 3, GTA V en Assassin’s Creed Origins gestalkt te hebben, ga ik nu op veler verzoek op bezoek bij een veel oudere game: Oblivion! Naar deze ben ik extra benieuwd, want de NPC’s zouden dankzij de zogenaamde Radiant AI een actief eigen leventje leiden hier. Bovendien heb ik Oblivion nog nooit gespeeld! Mijn eerste Bethesda RPG was pas Fallout 3 en mijn eerste Elder Scrolls was Skyrim (een honderdtal stiekem behoorlijk saaie uren, halverwege een kapotte PS3 + verloren saves. Gemenge gevoelens...). Goed dan, met frisse tegenzin op naar volgens velen de beste Elder Scrolls!

Aangezien ik niet bepaald een retro-gamer ben, betwijfel ik of ik het ook zo zal ervaren. Nu is 2006 nog helemaal niet zo ‘retro’, maar Oblivion heeft de tand des tijds niet al te best doorstaan. Ik ben op zich nieuwsgierig naar het verhaal, maar voor dat soort zaken verwijs ik je graag door naar Marvin’s interessante nieuwe serial over de lore achter The Elder Scrolls. De peasants van Cyrodiil hebben namelijk vast geen enkel benul van lore, laat staan tijd om zich zorgen te maken om wat er allemaal in de wereld gebeurt. Waar ze wel tijd voor hebben? Dat gaan we nu ontdekken.

  

Eropuit!

Over tijd gesproken: RPG’s als deze vergen er bootladingen van, dat weten we allemaal. Het scheelt dat ik voor dit artikel geen enkele quest hoef te volgen en ik verspil dan ook geen moment om zo snel mogelijk door de openingsscène te skippen. Waar ik normaal gesproken minstens 2 uur bezig ben het maken van een zo lelijk mogelijk personage, klik ik nu (met pijn in het hart) snel door de character creation heen. Het gaat hier immers niet om mij. Zo’n 20 ratten, 6 goblins en 1 dooie keizer verder (spoiler alert?) kan ik eindelijk ontsnappen uit de catacomben van Emperial City.

Ik trek Cyrodiil in, op zoek naar interessant ogende NPC’s. Aangezien ik de weg niet weet en ik de ‘middeleeuwse’ interface nog niet voldoende heb oncijferd om de kaart te kunnen lezen, besluit ik toch maar even de rode pijl van de main quest te volgen. De bewoonde wereld is echter ver te zoeken; onderweg kom ik alleen wat opmerkelijk agressieve dieren en bandieten tegen. Pas wanneer ik het dorpje Weynon Priory binnenloop tref ik de eerste persoon die mij niet spontaan aanvalt: een herder genaamd Eronor.

    

Eronor de hongerige

Eronor (het is voor mij nog even wennen dat NPC’s hier daadwerkelijk allemaal een naam hebben) is een goed gehumeurde elf, met een enorm lompe knuppel waarvan ik niet zeker weet waar hij deze precies voor nodig heeft. Het schrikt mij echter niet af en omdat ik al zo lang op zoek ben naar een vriendelijke NPC, besluit ik dat dit mijn eerste slachtoffer moet zijn. Heel interessant wordt het echter niet. Eronor lijkt zijn dag te vullen met het staren naar zijn paarden en het heen en weer wandelen door de poort van het klooster. Want dat is blijkbaar wat herders doen.

Ik volg hem een tijdje om te kijken hoe lang zo’n ‘werkdag’ van een herder eigenlijk duurt. Hij moet inmiddels kilometers hebben afgelegd voor hij het om 12 uur ‘s nachts eindelijk voor gezien houdt. Hij wandelt langs zijn schaapjes (waar hij de rest van de dag gek genoeg geen seconde naar omkijkt) en gaat een hut in om te slapen. Precies 6 uur later staat hij weer op en rent hij als een speer de deur uit, om het hele riedeltje opnieuw te beginnen. Wat ik bijzonder knap vind is dat hij dit allemaal doet zonder ook maar een hap te eten of te drinken de hele dag. Werkt de spijsvertering van elfen anders dan die van ons? Even de lore raadplegen...

   

Orc, Orc, Orc, soep eet je met een...

Over het eetgedrag van de ‘Dunmer’ is zo snel niks te vinden. Dan maar eens kijken of er in het nabijgelegen stadje Chorrol misschien boeiendere figuren te vinden zijn. Jawel, mijn oog valt al snel op een groene meneer en ik besef dat ik haast vergeten was dat er in Tamriel ook Orcs rondlopen! Hem moet ik hebben. De eerste bestemming van meneer de Orc is gelijk al boeiender dan dat van zijn donkerpaarse voorganger: de Grey Mare Inn! Het kan niet anders dan dat er hier spannende dingen gebeuren.

De Orc, die Gaturn gro-Gonk blijkt te heten, neemt een stoel en begint te knabbelen aan een bolletje van iets ondefinieerbaars. Gelukkig, niet iedereen is hier in hongerstaking. Nadat twee andere volslagen oninteressante figuren tegen me aan beginnen te lullen, om me schijnbaar ontzettend dringende quests aan te smeren (gaap), kan ik verder met bestuderen van mijn nieuwe groene vriend. Gaturn loopt wat rond in de kroeg en lijkt zich prima te vermaken.

Niet veel later merk ik dat de NPC’s in Oblivion zo af en toe ook een praatje met elkaar maken, over willekeurige onderwerpen. Gaturns gesprekspartner naar keuze vanavond is de barvrouw, waar hij naartoe loopt en groet met een welgemeende: “How dare you interupt me?!”, om vervolgens een uiterst vriendelijk gesprek te voeren. Een gesprek dat door hem abrupt wordt afgesloten met “No more talk!” Zo is ‘ie dan ook wel weer.

Gaturn maakt pas de volgende dag om 11 uur aanstalten om naar huis te gaan, maar niet voor een laatste, extra awkward onderonsje met dezelfde barvouw. Hebben ze nou ruzie? Is het een soort dans? Wat ze hier precies minutenlang en in volledige stilte aan het doen zijn is mij een raadsel, maar ik kan niet wegkijken.

Eenmaal buiten loopt meneer gro-Gonk een huis binnen, vermoedelijk dat van hem. Maar binnen is de Orc nergens meer te bekennen! Wie er wel zijn, zijn ene Jirolin en Ariela Doran. Logisch, zo blijkt, want dit is hun huis. Goed, we hebben allemaal wel eens dronken per ongeluk bij het verkeerde adres aangeklopt, maar je vervolgens in dat huis verstoppen is best vreemd. Bovendien heb ik Gaturn de afgelopen 12 uur geen druppel alcohol zien drinken! Raar verhaal. Tijd om elders in Cyrodiil NPC’s te gaan bespieden!
    

On the road again

Ik heb gehoord, onder andere ook hier in de comments, dat sommige NPC’s in Oblivion hele afstanden te voet afleggen om van plaats naar plaats te komen en dat ze dan soms ook bij anderen blijven logeren. Dat soort gedrag heb ik in games nog nooit van gehoord, dus dat wilde ik wel eens zien! Na een aantal uur rondgelopen te hebben, heb ik zelf niemand kunnen vinden die op reis ging, maar gelukkig wist Google raad. Wat blijkt, er is zelfs een heel schema van reizende NPC’s, compleet met vertrektijden en bestemmingen! Holy crap!

Ik check welke dag het is en zie dat ene Stantus Varrid op het punt staat te vertrekken vanuit de Imperial City. Ik breng hem snel een bezoekje om te vragen of ik misschien mee mag. Eenmaal in zijn huis merk ik opeens dat hij mij begint te achtervolgen! WTF is dit? Zijn de rollen nu opeens omgedraaid?! Vervolgens krijg ik van hem het vriendelijke doch dringende verzoek zijn huis te verlaten. Oké, oké, ik ga al. Zeg dan meteen dat je nog moet inpakken!

Ik stap zijn huis uit en wonder boven wonder, niet veel later zie ik hem (zonder bagage) ook daadwerkelijk vertrekken richting de stadspoort. Volgens zijn reisgegevens is Bruma zijn bestemming. Inmiddels ken ik de interface goed genoeg om op de kaart te zien dat dit echt een pokke eind lopen is! Ja dàààg, hier ga ik niet de hele tijd achteraan sjokken, er is ook zoiets als fast travel. We ontmoeten elkaar daar wel weer.

En ja hoor, daar is ‘ie, precies waar hij moest zijn, in de Jerall View Inn! Wat hij er te zoeken heeft behalve een beetje niksen en af en toe een babbeltje maken met voorbijgangers kan ik niet ontdekken, maar het feit dat een NPC uit eigen initiatief zo’n afstand aflegt is toch best wel awesome. Als ik hem daarna in Empire City niet meer bij zijn huis aantreft, maak ik me even zorgen of hij de terugreis wel overleefd heeft, maar gelukkig zie ik hem al snel verderop een praatje te maken.

Tot zover dit vierde deel van NPC Leven! De inwoners van Tamriel hebben me positief verrast, zeker wanneer ze in hun eendje grote afstanden durven af te leggen. Verder doen ze eigenlijk niks behalve een beetje voor zich uit staren, rondwandelen, slap ouwehoeren en een beetje eten en drinken, maar toch. Tot de volgende keer en laat in de comments vooral weten welke NPC’s ik nog meer moet gaan stalken. Bye!
  

DE NPC LEVEN SERIAL:

Dinsdag 17 februari:
The Witcher 3: Wild Hunt

Dinsdag 27 maart:
Grand Theft Auto V

Dinsdag 24 april:
Assassin’s Creed Origins

Dinsdag 15 mei:
The Elder Scrolls IV: Oblivion

Woensdag 20 juni:
Horizon Zero Dawn

Dinsdag 17 juli:
Kingdom Come: Deliverance

    
   

REACTIES (16) 

Op deze website gebruiken we cookies om content en advertenties te personaliseren, om functies voor social media te bieden en om ons websiteverkeer te analyseren. Ook delen we informatie over uw gebruik van onze site met onze partners voor social media, adverteren en analyse. Deze partners kunnen deze gegevens combineren met andere informatie die u aan ze heeft verstrekt of die ze hebben verzameld op basis van uw gebruik van hun services. Meer informatie.

Akkoord